NIKI TERPSTRA ZAL QUICK-STEP NOG GAAN MISSEN. EN OMGEKEERD.


Auteur: Peter Ouwerkerk 

Op de wielerpagina’s van de Belgische kranten was er weer een stevig feuilleton van gemaakt. Dagenlang updates over de zegestand van zaken in seizoen 2018. Zouden de Quick-Steps het halen, zouden zij hun all-time record verbeteren? Of zouden de veelvraten van Patrick Lefevere, net als in het jaar 2000, genoegen moeten nemen met het totaal van 71 overwinningen?

Nadat in de zesdaagse Presidential Cycling Tour of Turkey (het rondje van Erdogan) de tussenstand op de hoogte van 2000 was gekomen, lagen er in China, voor het sluiten van de markt, de allerlaatste kansen. Wielrennen is geglobaliseerd, dus voor de afsluiter van de Pro-Tour óp naar de Gree Tour of Guangxi. En? Het lukte. ‘China’ begon weliswaar met een sprintzege voor LottoNL-Jumbo (Dylan Groenewegen), maar Fabio Jakobsen schroefde het eindtotaal van Quick-Step in rit 2 en 6 grijnzend door naar 73.

73. Het eigen Quick-Steprecord verbeterd met twee. Nog wel in de schaduw van Cavendish’ HTC-Columbia (84 in 2009), van Merckx’ Molteni (86 in 1971) en Maertens’ Flandria (ook 86 in 1977), en ook TI Raleigh reikte in haar beste jaren wel tot grotere totalen. Alleen: de huidige wielerjaren zijn amper nog met die van toen te vergelijken: uitgebreidere kalender, grotere ploegen, uitgedijd peloton. En: criteriums en kermiskoersen worden niet meer meegeteld.

73. De ene triomf blijft langer hangen dan de andere, maar – een poging.

* De mooiste? Niki Terpstra’s Ronde van Vlaanderen. Zeker voor Nederlanders. Je moet het maar doen in een koers die iedereen wil winnen, met voorop álle Belgen. In Oudenaarden werd gerapt en gezongen, Terpstra schonk zijn ploegmaats een dure Rolex, maar je kon toen al uittekenen dat het Terpstra’s laatste ‘Ronde’ zou zijn in Quick-Stepshirt. Steengoeie coureur, maar niet meer te betalen voor ploegbaas Lefevere; want: geen veelwinnaar (drie keer, dit voorjaar).

* De meest verdiende? De WK-ploegentijdrit in Innsbruck. Er was meer discussie over het verdwijnen van de discipline dan over de technische schoonheid van een perfecte ploegentijdrit. Wie deze nog eens terugkijkt, zal beamen dat het schrappen van het WK-onderdeel een schande is. Naast zwemmen en schaatsen worden synchroonzwemmen en kunstrijden toch ook gedoogd? Geen mooier geluid bovendien dan dat van langszoevende tijdritfietsen.

* De meest verrassende? Een septet: de zeven overwinningen van Fabio Jakobsen. Wie als neoprof in een ploeg van een volle hand topsprinters (Viviani, Gaviria, Richeze, Hodeg) zeven keer de snelste is, wacht een gouden toekomst.

* De vrolijkste? Het Belgische wegkampioenschap van Yves Lampaert. Zelden zo gelachen als bij de vreugde-explosie van de nieuwe kampioen. Je verstond niets van zijn unieke West-Vlaamse dialect, maar je begreep álles. Lampaert was zijn eigen doventolk.

* Nog meer opmerkelijks? De achttien overwinningen van sprintkanon Elia Viviani, de doorbraak van Julian Alaphilippe, de standvastigheid van Philippe Gilbert en: de grote toekomst van Enric Mas.

73. Ruim twee keer zoveel zeges als Team Sky. Voor de helft van de kostprijs: Quick-Step €18 miljoen tegenover Sky 38 miljoen. Het is een kralenketting van parels en hoogtepunten, behaald door vijftien verschillende renners uit België, Italië, Frankrijk, Luxemburg, Spanje, Duitsland, Argentinië, Colombia en Nederland.

73. Verhoudingsgewijs bleef de teller nóg lang steken op 69. De kaap van 70 had eigenlijk genomen moeten worden in Parijs-Tours, maar Niki Terpstra vocht in de finale een minioorlog uit met een neofiet van AG2R, Benoit Cosnefroy. Het was Sören Kragh Andersen die uiteindelijk profiteerde en Terpstra strandde op plaats twee. Zelden zó’n dodende blik gezien als die van Terpstra in Tours. Jan Raas zou er nooit zo zijn ingetuind als de man die zijn Quick-Stepjaren onvergetelijk had willen afsluiten, maar in een onbekend Frans ventje onterecht een vijand meende te ontwaren.

73. In wielerseizoen 2018 werd The Wolfpack geboren. Opeens was het er: het besef van de groep als individu en omgekeerd, als renners die elkaars gelijken waren. The Wolfpack, een gouden kreet, commercieel meteen vermarkt in shirts, broeken, petten, bidons en andere fan-waar.

73. Quick-Step heeft zijn eigen historie geactualiseerd, zichzelf andermaal op de kaart gezet. In welk financieringsmodel ook: voor de komende drie jaar staat er weer een volgende naam op de trui – die van een nieuwe hoofdsponsor, Deceuninck. Maar hoe de letters ook worden geformeerd, Quick-Step zal altijd aan de ploegen-Lefevere verbonden blijven.   

73. Niki Terpstra vertrekt na acht jaar Quick-Step naar Frankrijk, naar Direct Energie. Een ongewis avontuur, maar ja – 35 straks, zijn carrière is al ver over de helft. Toch gaat hij het nog missen – de zeg maar musketierachtige benadering van een lekker potje superhardfietsen. De kameraadschap; de noeste werkers en gebrandmerkte winnaars; de ploegentijdritten; de slimme tacticus en strateeg Lefevere; de sfeer; de ‘één voor allen, allen voor één’-mentaliteit.

Of kan geld álles goedmaken?


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.


Beeld: website Quick-Step Floors Pro Cycling Team


 

Leave a Reply