LEVE DE ITALIAANSE KOERSCHAOS


Auteur: Bert Wagendorp

Topsport streeft naar controle, maar jammer genoeg wordt topsport pas echt interessant en fascinerend wanneer de controle wordt verloren. Dat is te zien in het voetbal, waar grote clubs door hun financiële overmacht controle proberen te verkrijgen en het leuk wordt wanneer een kleinere club erin slaagt die controle te doorbreken en daarmee de voorspelbaarheid.

Je ziet het ook in de Giro d’Italia, waar teams wel proberen de controle over de wedstrijd te verwerven, maar daarin niet slagen. Het gevolg is een onvoorspelbaar wedstrijdverloop: op het moment dat ik dit schrijf, de maandagochtend van de tweede rustdag, is nog volstrekt onduidelijk wie de ronde zal gaan winnen: Carapaz staat in polepositie, Nibali gaat aanvallen, Roglic zo goed mogelijk verdedigen om in de laatste tijdrit toe te slaan. Met de zware bergetappes die nog voor de wielen liggen, zijn de outsiders in het klassement – Majka, Landa, Mollema en Yates nog evenmin kansloos, net als de dark horses Polanc, Sivakov of López: allemaal binnen zes minuten van de leider. Hun kansen zijn niet groot, maar ook hun dadendrang zal de komende dagen nog voor menige onverwachte wending kunnen zorgen.

Dat is een fantastische situatie waar de wielerliefhebber alleen maar van kon dromen en die stof biedt voor een van de grootste genoegens van het volgen van topsport: speculeren.

De Giro biedt dagelijks spektakel en verrassingen. In de finale van de etappe van zondag zag je zelfs een merkwaardige chasse-patate van Yates, een wedstrijd in de wedstrijd: het gevecht vindt plaats op verschillende niveaus en je komt ogen tekort.

De neiging tot controle heeft direct te maken met het belang dat ploegen aan een wedstrijd toekennen. De mindere status die de Giro – althans buiten Italië – geniet, komt de wedstrijd ten goede. Winnen in de Giro is belangrijk, maar er is in het wielrennen maar één koers van buitengewoon belang: de Tour de France. Wat publicitair belang betreft overstijgt de Ronde van Frankrijk alle andere wedstrijden. Stel je de totale publicitaire waarde van het gehele mondiale wielrennen op 100, dan neemt de Tour daarvan vijftig procent voor zijn rekening. Op de balans is de Tour dus even zwaar als alle overige wedstrijden tezamen.

Dat feit draagt bij aan de voorspelbaarheid van de Tour. Voor hun voortbestaan kunnen ploegen niet anders dan die wedstrijd zo gecontroleerd mogelijk benaderen: er móet succes worden geboekt. De voormalige Sky-ploeg, tegenwoordig INEOS, stuurt jonge talenten naar Italië, maar de Grande Armée van het team wordt in stelling gebracht voor de Tour, om elk toeval uit te sluiten. Froome en Thomas als generaals, en door de sleutelbeenbreuk van Bernal komt daar nog een potentiële winnaar uit die ploeg bij. Gevreesd moet worden dat INEOS de Tour in een wurggreep zal nemen, met alle nadelige gevolgen voor de spanning van het wedstrijdverloop van dien.

Dat Sunweb Dumoulin naar de Giro stuurde, en Jumbo Visma Roglic, is geen teken van het toenemende belang van de Italiaanse Ronde, maar vooral een realistische inschatting van de kansen in Frankrijk.

Wie houdt van wielrennen zoals wielrennen bedoeld is, verrassend, spectaculair en met een groot gebrek aan controle, moet de komende dagen zijn hart ophalen.

Mooier, ben ik bang, zal het in de Tour niet worden.


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.

Beeld: In het wiel // AD

Leave a Reply