Het wordt aanbeden, begeerd, gedragen, toegejuicht, beschimpt gehuldigd, verloren, behouden. Het geel. Het is bijna zo heilig als de lijkwade van Turijn, maar ook veel profaner en volstrekt inwisselbaar als opperste kledingstuk voor tal van dragers.

Deze Tour heb ik het vaak langs de weg gezien, als gewijd gewaad in tal van maten. De leiderstrui is honderd jaar oud en dat viert de Tourdirectie, tuk op memorabele data graag samen met de adepten langs de route. Het is een eredienst voor een iconische tricot, ce Jaune Sacré.

Bij de introductie in Grenoble in 1919 bood de kleur geel de gewenste herkenning voor de klassementsleider. Het groeide niet meteen uit tot de met respect uitgesproken kleur voor de leiderstrui. De eerste drager, Eugène Christophe werd erin uitgefloten. Hij voelde zich een kanarie.

Spoedig kwam toch het ontzag voor het geel als bewijs van bijzondere kwaliteiten als coureur, maar ook als mens, in vertoon van kracht, mentaliteit en passie, in allerlei lagen van lijden en verschillende vormen van vreugde, uitgelaten, of ingetogen.

Christophe was heel populair onder de fans met de bijnaam Cricri. Zo is het ook met de jongste Franse geeldrager: Alaphilippe, bijgenaamd Juju. De gele trui is nooit Jaujau gaan heten. 

In Pau was voor de start van de tijdrit een bijzondere ceremonie georganiseerd ter viering van le Centennaire du Jaune, Honderd Jaar Geel. Het gebeurde in de Monde des Géants, een park waar de groten van de Tour met hun beeltenissen en palmares bijeen zijn gezet in gele zuilen.

De Tourorganisatie had een waarlijk indrukwekkende hoeveelheid levende giganten verzameld. Het was bijzonder om ze te zien binnenkomen in een gesloten ruimte achter het podium en om ze elkaar te zien omhelzen, van grijsaard tot jongere, allemaal in burger. Wat een geel bij elkaar!

André Darrigade, Jean-René Bernaudeau, Jean-Pierre Danguillaume, Eddy Merckx, Bernard Thévenet, Bernard Hinault, Joop Zoetemelk, Greg LeMond, Sean Kelly, Rolf Sörensen, Charly Mottet, Pascal Lino, Luc Leblanc, Thomas Voeckler, Andy Schleck, Sylvain Chavanel, Alberto Contador,. Ook Raymond Poulidor mocht op het podium, als enige in een geel tricot, terwijl hij het geel nooit droeg in de Tour. Opvallende afwezigen waren Jan Janssen, Miguel Indurain en Bradley Wiggins.

Vroeg in de avond werden de oude vedetten in een chique restaurant toegesproken door president Macron, een man die verreweg niet zo populair is als welke Franse geletruidrager ook.

Onder de vedetten bevond zich een unieke man die nimmer de Tour fietste: Claude Christophe, de 80-jarige kleinzoon van de legende zelf. Ik sprak hem voor de aanvang van de ceremonie. De oude Claude was nog steeds trots op zijn opa. Hij zei: ‘Il me pousse – hij duwt me!’

Hij droeg een geel t-shirt met de handtekening van Eugène Christophe en daaronder de tekst: “On en parle toujours – ze hebben het er nog steeds over.”

De oude Claude vertelde het graag nog eens. Hoe opa in 1913 op de Tourmalet als klassementsleider zijn voorvork brak en hem zelf moest herstellen in de smidse van Sainte-Marie-de-Campan. En dat hij in 1919 in de gele trui eindelijk op weg was naar de eindzege, maar in de voorlaatste etappe in Raismes opnieuw een vork brak.

Eugène is vaak met Claude uit fietsen geweest. Hij is gestorven in 1970, 85 jaar oud. Het was zijn laatste wens om in het geel begraven te worden.


Jeroen Wielaert


Leave a Reply